De grote, langharige bok staat uitdagend te springen op de omgevallen boomstam. "Kom dan, als je durft!", lijkt hij te roepen naar het kleine bokje.
"Puh, ik ben heus niet bang voor jou hoor, als je dat denkt." Het bokje springt op de stam. Kop aan kop staan ze. Of liever: kop aan hals, want de kleine David is nog niet half zo groot als zijn tegenstander Goliath.
Dan gaat David op zijn achterpoten staan en doet een stapje naar voren. Kletterend bokken de horens van de beide bokken tegen elkaar. Na een stuk of wat kopstoten springt David van de stam af en knabbelt aan een blaadje. Goliath is niet tevreden. Keer op keer daagt hij David uit tot een gevecht. David reageert niet direct, neemt een quasi nonchalante houding aan en springt pas na een poosje - als om van het gezeur af te zijn - op de stam voor een paar kopstoten.
Het ziet er prachtig uit. David die op zijn tenen de confrontatie met Goliath aangaat. Er schijnt een mooi laag winterochtendzonnetje en ik heb mijn fototoestel bij me. Dus. Ik rits mijn tas open om het toestel te pakken. Binnen twee seconden staan de bokken broederlijk naast elkaar voor mijn neus, hopend op iets lekkers.
Geen foto dus. Maar wel een vredestaktiek: geef ze te eten, dan willen ze niet meer vechten.